Aanleg spoorlijn

 

image

image

 

 

image

Het Achterhoekse spoorweg netwerk in 1919.

 

De spoorlijn Doetinchem – Ruurlo werd in Oostelijke richting aangesloten op een veel groter netwerk van de “Geldersch Overijsselsche Lokaal Spoorweg-maatschappij” (G.O.L.S). Met die lijn kwam je via Haaksbergen in Enschede of Oldenzaal en zelfs in het aansluitende Duitse gebied. Nadat op 15 oktober 1884 het traject Ruurlo richting Twente werd opengesteld, werd een jaar later op 15 juli 1885 het traject Doetinchem – Ruurlo toegevoegd en werd ‘het spoor’ ook voor Zelhem van groot belang. In Ruurlo kon men eventueel overstappen op de lijn van Winterswijk naar Zutphen.
Op 22 mei 1937 werd het traject Doetinchem – Ruurlo gesloten en daarop aansluitend op 3 oktober 1937 werd het personenverkeer richting Twente gestaakt. De spoorlijn Zutphen – Winterswijk werd daarmee het laatste restant van het uitgebreide net van lokaalspoorwegen van de G.O.L.S. en andere maatschappijen in Twente en de Achterhoek. Kort daarna zijn de trajecten Zelhem – Ruurlo en Ruurlo – Borculo – Neede -Haaksbergen opgebroken. In de Tweede Wereldoorlog werd ook het deel tussen Doetinchem en Zelhem opgebroken. Dit werd later echter opnieuw aangelegd, zodat hier in 1948 weer vanaf Doetinchem goederenverkeer kon gaan rijden. Het naoorlogse goederenvervoer heeft een grote bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van Zelhem en de wederopbouw. Station Zelhem werd op 28 mei 1972 definitief gesloten.