Wim Eenink

image
Wim Eenink, geboren (1965) en getogen in het Wolfersveen, is z’n hele leven al geboeid door alles wat met zijn omgeving te maken heeft. Opgegroeid in het gezin van een pachtboer op Landgoed De Baaksekamp heeft hij een uniek stuk geschiedenis meegemaakt, wat hem tot op de dag van vandaag bezighoudt. Zo heeft hij als hobby het vastleggen van de geschiedenis van het Wolfersveen in woord en beeld. Want dat er de afgelopen eeuw het een en ander veranderd is in het Wolfersveen moge duidelijk zijn. Hij laat mij o.a. een door hem gebouwde maquette zien van de spoorbaan en de Halte Wolfersveen. Om deze te hebben kunnen bouwen heeft hij heel veel tekeningen, foto’s en verhalen verzameld waarvan hij mij deelgenoot heeft gemaakt.
De spoorlijn Doetinchem – Ruurlo is op 15 juli 1885 geopend als onderdeel van een veel groter netwerk en primair bedoelt voor personenvervoer. Een Halte Wolfersveen was er in die begin jaren zeker nog niet. Wim laat mij een kaart zien uit het jaar 1919 waarop wel een Halte IJzevoorde-Slangenburg staat, maar nog geen Halte Wolfersveen. Deze laatste Halte staat pas op een kaart uit 1934.

image

Kaart uit 1919 zonder Halte Wolfersveen.

image

Kaart waarop de Halte Wolfesveen voorkomt.

Halte Wolfersveen heeft wel een grote rol gespeeld in de ontginning van het grote heide- en moerasgebied in de driehoek Ruurlo – Mariënvelde – Zelhem bij de aan- en afvoer van materieel en later kalk en kunstmest.

image

Oorspronkelijke indeling van het emplacement.

Personen vervoer was een uitzondering en wilde men meerijden, dan moest men zelf actief een vlag hijsen, zodat de machinist kon zien, dat hij stoppen moest. Het moet een bijzondere ervaring zijn geweest voor de heidebewoners, dat er dampende en rokende locomotief door het landschap reed. Op 5 mei 1935 tegen het middaguur ging het daarbij goed mis. De locomotief genaamd Bello veroorzaakte door een vonk een geweldige bosbrand. De schatting van de verbrande oppervlakte was zo’n 300 ha. Tal van autoriteiten waren op het terrein van de brand aanwezig, o.a. de Commissaris der Koningin in de provincie Gelderland en de burgemeesters van de gemeenten Zelhem, Doetinchem en Ruurlo.
image

Het verhaal gaat nog steeds, dat de ‘naobers’ voor een trouwerij bij Oortgiesen, die dag net de broodjes gesmeerd hadden en deze vol roet kwamen te zitten en er voorzichtig weer schoon geschraapt moesten worden. De brand trok veel nieuwsgierige kijkers, die echter weigerden om mee te helpen blussen. De toenmalig burgemeester van de gemeente Zelhem moest hierbij zijn gezag laten gelden. Omstreeks vijf uur was men door het stichten van tegenbranden het vuur meester.
De buurtschap groeide en in 1931 werd een schooltje geopend. Het verhaal gaat, dat het eerste schoolhoofd (dhr. Baljet) voor zijn sollicitatiegesprek met de trein in het Wolfersveen aankwam.
Of de schooljeugd met de trein op schoolreis ging is niet bekend, wel zijn er nog verhalen van andere schoolreisjes bekend. Zo gingen de leerlingen van de school uit Halle in juli 1928 en uit de Wittebrink in juli 1931 met de trein vanaf station Zelhem naar Amsterdam.
Tot aan de opheffing van de Halte Wolfersveen in 1937 werd het spoor echter voornamelijk gebruikt voor goederenvervoer. Wim vertelde me nog een verhaal over ‘Drikusman’.
image
Zijn opa had eerste klas vee o.a. fokvarkens. Drikusman was een grote fokbeer, waarmee hij ook naar tentoonstellingen ging. Hij had zich ingeschreven voor een keuring op de Maliebaan in de Haag. Deze tentoonstelling was van 23 – 26 juli 1928. Een hele onderneming en hoe moest hij daar komen ? Hij ondernam de reis met de trein vanaf Halte Wolfersveen en moest een aantal keren overstappen met deze grote beer. Kunt u zich voorstellen hoe die reis er uit gezien heeft ? In iedergeval wordt er nu, bijna 100 jaar later, nog steeds over gesproken.
Fred Wolsink